Kan het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding in hoger beroep worden betwist?
Uitleg over de rechtsplegingsvergoeding in België: artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek, Koninklijk Besluit, berekeningswijzen, indexatie en actuele bedragen.
Kan het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding in hoger beroep worden betwist?
Ja, maar enkel als onderdeel van een hoger beroep tegen het vonnis als geheel — niet als afzonderlijk beroep.
Als de rechter afweek van het basisbedrag — door het minimum of het maximum toe te kennen — kan die beslissing in principe worden aangevochten via een gewoon rechtsmiddel (hoger beroep) of, in beperkte gevallen, een cassatieberoep. De rechtsplegingsvergoeding maakt deel uit van het vonnis als geheel en kan doorgaans niet afzonderlijk worden aangevochten.
In de praktijk moet een partij die het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding wil betwisten, dit als griefpunt opnemen in een ruimer hoger beroep. De appelrechter zal dan nagaan of de eerste rechter de vier wettelijke criteria correct heeft toegepast: de financiële situatie van de verliezende partij, de complexiteit van de zaak, contractueel overeengekomen advocatenhonoraria en het kennelijk onredelijk karakter van de situatie.
Merk op dat in hoger beroep een nieuwe rechtsplegingsvergoeding afzonderlijk wordt berekend voor de appelinstantie, op basis van het bedrag dat nog in het geding is in hoger beroep.
Fout gevonden of een suggestie?
Deze informatie wordt met zorg bijgehouden, maar wetgeving verandert. Hebt u een onnauwkeurigheid opgemerkt of een suggestie om deze pagina te verbeteren? Laat het me weten via pieterjan@scheir.eu.